zaterdag 7 juni 2014

471 Lottumse woorden

Het wordt weer eens tijd voor een nieuwe lijst met een stuk of veertig nieuwe woorden. Maar ik heb er ook een paar uitgegooid want het blijkt dat de Hollanders woorden van mijn lijst hebben afgekeken en er "algemeen beschaafd Nederlands" van hebben gemaakt: smiespelen, friemelen, schorseneren en bokspringen bijvoorbeeld.

Maar we hebben er 471 op het moment en er komt nog meer. Met de hulp van Jeu Stökers gaan we zeker de 500 halen.

Hojje wah.

1
Aafsmère
aftuigen
2
Aaftrekke
scheet laten
3
Aa~l
allemaal
4
Aalzelaeve
altijd
5
Aling
heel
6
Amazuur
blaasvermogen
7
Ampersant
en passant, in het voorbijgaan
8
Arig
vreemd, verdacht, raar
9
Babbeltje
snoepje
10
Bag
big
11
Baktand
kies
12
Bandele
hoepelen
13
Baom
bodem, achterwerk
14
Bats
bil
15
Begie~n
non
16
Bels
België, Belgisch, Belgisch trekpaard
17
Bergemuuske
verstoppertje
18
Betoepe
oplichten, belazeren
19
Béie
bidden
20
Biëstig
zeer, erg
21
Bleik
bleek, gazon
22
Blò~ken
walmen
23
Blutsen
kneuzen, stoten
24
Bó~ch
bed
25
Boebs
blut
26
Boekèl
boeman
27
Böke
huilen
28
Bôks
broek
29
Bokstevast
kinderspel (Frans Seuren vragen)
30
Bôttermelk
karnemelk
31
Boute
schijten
32
Bouwe/umbouwe
(om)ploegen
33
Brag
opgeschoten jongere, tiener
34
Brambaere
bramen
35
Broensig
bruinachtig
36
Buize
zuipen
37
Burries
twee balken aan een kar waar het paard tussen ingespannen wordt
38
Dabbe
met de handen/poten graven
39
Del ('n)
'n aantal
40
Daes
paardevlieg
41
Deem
speen van koe
42
Doeën beej
dichtbij
43
Doorslaag
vergiet
44
Dotselen, dotseltante
vergeetachtig zijn; vergeetachtig persoon
45
Draeger
bagagedrager
46
Drats
koffiedik
47
Drek
onkruid
48
Dreksbak
afvalemmer
49
Droasbôks
enigszins lachwekkend figuur
50
Duchtig
flink
51
(neet) Duëge
(niet) deugen, (niet) in orde zijn
52
Duk
vaak, dikwijls
53
Dumpel
deuk
54
Efkes
even
55
Aek
azijn
56
Emus, immes
iemand
57
Ertsbaere
aardbeien
58
Aevel
hoe dan ook, sowieso
59
Evvel
evenwel
60
Falie (nákse)
blote kont
61
Fiemel
tic, afwijking, hobby
62
Fiespernöle / fiespernöleke
geen idee
63
Finaal
helemaal
64
Finte
kuren, streken
65
Fintwater/Vintwater
wijwater
66
Flatse
zakken voor een examen, ondiep omploegen
67
Flet
anjer
68
Flie~s
tas, uier
69
Flimp, flint
aanmaakhoutje
70
Floetere
opscheppen
71
Foeës
loom, lamlendig, vadsig
72
Foe~tele
vals spelen, sjoemelen
73
Frunsele
kreuken, rimpelen
74
Gaaie
aanstaan, bevallen
75
Gaar neet
helemaal niet
76
Gans
helemaal
77
Garepaap
halve gare, libelle
78
(unne) Gas
groepje van 8 schoven rechtop gezet, een aantal
79
Gavel
hooivork
80
Garepaap
libelle
81
Gedeuns
gedoe
82
Gèle verf
geelzucht
83
Gelint
draadomheining wei
84
Geer
gierig
85
Gen erg hebbe in
niet in de gaten hebben
86
Gè~r
graag
87
Gerf
garf, bos graan
88
Ge~rt
vishengel
89
Gevrè~t
gezicht
90
Gewaere
begaan
91
Geye
wieden
92
Graaf
sloot
93
Grei
spul
94
Greke
sjachrijnen
95
Greuzele
glimlachen, binnenpret hebben
96
Grie~zele
kiezeltuintje opharken
97
Groeëte kant
groep 2 van de kleuterschool
98
Gröts
trots
99
Gruts
goot
100
Gu~ns
ginds, 'n eind weg
101
Haffel
handvol
102
Haffele, gehaffel
onhandig plaren
103
Hanneke
soort dikke worst
104
Has
bijna
105
Hemprok
onderhemd met korte mouwtjes
106
Hemelbieësje
lieveheersbeestje
107
Hesses/hasses
jakkes
108
Hets
hitte
109
Hiëp
hakbijl
110
Ho~of
tuin
111
Hoarepluk
oud Lottums gebruik
112
Hojje
dag
113
Hómmele
onweren, donderen
114
Hörtje
(eier)rekje
115
Houwe
slaan
116
Hovèr, hoverig
hovaardig, verwaand, groots, hoog in de bol
117
Hudsel
halster
118
Huiwage
langpotige spin
119
Huukskes
hurken
120
Huuske
wc
121
Illik
bunzing
122
Inkkater
eekhoorn
123
Inkketske
eekhoorntje
124
Intrint/untrint
bijna
125
Jasse
slaan
126
Joeks
lol, plezier
127
Joerts
huismus
128
Jöke
wiebelen, wippen
129
Juks
jeuk
130
Kaldeschie~ter
koukleum
131
Kalde schóttel
aardappelsalade
132
Kanedasse
populieren
133
Kao~ye
kaantjes
134
Käök
gazeuse
135
käöke
boeren
136
Kappes
kool
137
Kepot
doodmoe
138
Kel
man
139
Kelderverke
pissebed
140
Kerboet
balkenbrij
141
Kerdie~ze
snoepen?
142
Kè~re
vegen
143
Kettere
hard rennen
144
Ketterschoon
gymschoenen
145
Kieps
pet
146
Kierke
big
147
Kietelstieën
afgeronde kiezelsteen
148
Klaor kómme
goed met elkaar op kunnen schieten
149
Klats / kletske
hoeveelheid
150
Kleek / kleke
spuug, rochel / spugen
151
Klef
talud, helling
152
Kleine kant
groep 1, kleuterschool
153
Klender
kleiner
154
Klets (de)
de klets weg krie~ge: ziek, verkouden worden
155
Kleu~ch / kluchtig
lol / lollig
156
Klieëd / kledje
jurk / jurkje
157
Klómpenägelkes
kleine stalen spijkertjes
158
Klots, Klötskes
gekloofd brandhout
159
Kluntjeswek
suikerbrood
160
Knam, knats
helemaal
161
Knao~k
bot, onverschillig persoon
162
Knapkook
koekje
163
Knei~e
kneden
164
Kneuzele
knoeien
165
Knoaje
mopperen
166
Knóddele
knoeien
167
Knoep(ert)
bult, knop, groot ding
168
Knoers
kraakbeen
169
Knoevele
knuffelen
170
Knómmel
slechte kwaliteit, rotzooi
171
Knozel
soort mug
172
Knure
hard werken
173
Koekoeksspeej
hars
174
Koes
varken
175
Koetele
ruilen
176
Kompeneej
gezelschap
177
Koppien
hoofdpijn
178
Krab
sleuf, spleet (háj ik ok ma zonne krab)
179
Krangs, unne krangse
dwars, dwarsligger
180
Krangs um
binnenste buiten
181
Kratse
krabben, jeuken
182
Krebbele
krassen op papier
183
Krek (good)
net (goed)
184
Kriemel(e)
jeuk(en), kriebel(en)
185
Kroaze
hard rijden, scheuren, hard werken
186
Kroe~t
stroop
187
Kroe~tpárs
stroopfabriek van Van Soest
188
Kroe~twis
bos gemaakt van kruiden en granen en vruchten
189
Kroednaegel
seringen
190
Kroëte
rode bieten
191
Krötje
klein kindje, kleine mens
192
Krujer
schooier
193
Kruuske
gekruiste vingers bij tikkertje
194
Kui
hok
195
Kuite
voetballen op één goal
196
Kummelijk
kwetsbaar, zeikerig precies
197
Kuulkedrolle
knikkeren
198
Kuu~me
kreunen, persen, hard werken
199
Kuu~s
breed geschouderd, athletisch gebouwd type
200
Kwagge/kwieme
jonge vogels
201
Kwakel
denneappel
202
Kwazel/kwazele
onzin/onzin vertellen
203
Kwekvors
kikker
204
Kwellik
nauwelijks, net, pas
205
Kwoj
slechte
206
Leis
lange teugels (voor aangespannen paard)
207
Leknaas
iemand die niks lust
208
Lichtig
meestal, gemakkelijk
209
Litsen
bretels
210
Löbbes
goeiige sul
211
Loeëk
uien
212
Loemele
vodden
213
Loëzie
horloge
214
Mangelwortel
voederbiet
215
Manskel, mansluuj
man, mannen
216
Mè~lkörf
Vlaamse gaai
217
Megje
meisje
218
Mei~d
verloofde
219
Meizoentje
madeliefje
220
Mè~lder
merel
221
Mey
soms, ook: berkentak
222
Middá~g
12 uur 's middags
223
Míddaag
middag
224
Mie~mer
aalbes
225
Mieske
katje
226
Miet
stromijt
227
Mie~zele
motregenen
228
Mi~spel
wesp
229
Mo
moeder
230
Moa
uitroep van verbazing
231
Moeëk
geheime bergplaats
232
Moeke
aanhalen, slijmen
233
Moelbaere
bosbessen
234
Moe~le
praatjes maken, schelden
235
Moer
waterketel
236
Moets
korstje, kontje van de wek
237
Moetworm
mol
238
Mök
kalf, jonge koe
239
Moor
vrouwelijk konijn
240
Möp
kooswoordje voor jonge meisjes, ook: flapdrol
241
Mós
kool
242
Muuskes
biceps
243
Naeve
naast
244
Nagel
spijker
245
Náks
naakt
246
Nemus
niemand
247
Naovenant
naar verhouding, relatief
248
Neuke
etteren, klieren, vervelend doen
249
Nieje
sterke ontkenning
250
Nì kunne lieje
niet uit kunnen staan
251
Nöle
zanikken
252
Nondejuuke
vlinderstrikje
253
Nuëj
ongraag
254
Nuëje
uitnodigen
255
Nut, nutterik, nutzak
slecht, smerig, kwaad, gevaarlijk, slechterik
256
Oe~tdoo~n
rooien, uitmesten
257
Oetschoeben
de les lezen, uitschelden
258
Olienutje
pinda
259
Onbenirlijk
onbarmhartig, ontiegelijk
260
Ophöffe
optillen
261
Opstoeke
iemand aanzetten tot iets
262
Ozele
kou lijden
263
Pannestaart
kikkervisje
264
Pársvleis
huidvlees
265
Peg
houten spie, naam van de Gekke Moandaagvereniging
266
Pè~k
laurierdrop
267
Pee~er
regenworm
268
Pei~ts
paardenzweepje
269
Penanty
strafschop
270
Petatte
aardappels
271
Pi~n, gérepi~n
gierig persoon
272
Piepwörsjes
kleine worstjes
273
Piers
perzik
274
Pimpy
babykrul
275
Pindroad, pundroad
prikkeldraad
276
Pinkelen
spel met hout 20cm lang, diam 3 - 4 cm
277
Pinkes
haarkrullers
278
Pispötjes
bloemen van hagewinde
279
Plak
veld
280
Plakke
opschieten
281
Plare
klungelen
282
Plats
rond brood
283
Pletske
koekje
284
Poekel
rug
285
Poelepetate
parelhoenders
286
Poem (dieke)
dikke vrouw of meisje
287
Poerikke
wroeten
288
Poes
boomstronk
289
Poes-erd
humus, potgrond uit boomstronk
290
Poe~s
bos (haar, gras)
291
Poet
buit
292
Poetje
paardje
293
Potterskas
spaarkas
294
Prazel
onzin
295
Prazele
onzin vertellen
296
Preugele
vechten
297
Proa~s
luie stoel, leunstoel
298
Proe~m
plotselinge hoeveelheid, bv proe~m gas
299
Pruumkes
rozijnen
300
Pruumkeswek
rozijnenbrood
301
Pruuse
Duitsland, Duitsers
302
Puëtje trekke
varken dat geslacht wordt pootje haken
303
Pulf
beddek gevuld met veren of korenkaf
304
Pui~ne
kweekgras
305
Pulle
jonge kippen
306
Pullike
peuteren
307
Ram
helemaal
308
Rats
helemaal
309
Razele
rillen
310
Remmel
mannelijk konijn, kwajongen
311
Richtig
echt, juist
312
Roakeliezer/rökeliezer
pook
313
Roetsbaan
glijbaan
314
Roetse
glijden
315
Rò~f, röfke
wondkorst
316
Ro~s
plag gras
317
Rulse
kuiten, stoeien
318
Ruiter
driepoot om hooi op te laten drogen
319
Ruzele
ruien
320
Schalevaeger
schavuit
321
Schans
takkenbos
322
Schárre
scharrelen
323
Schietmè~l
melde
324
Schievele
platte steen over het water laten stuiteren
325
Schievelstiën
platte steen
326
Schink
ham
327
Schoester
schoenmaker
328
Schókkele
schudden
329
Scholluk
schort
330
Schon (ja schon)
jawel
331
Schoop
platte schop
332
Schoor
onweersbui
333
Schoo~w
bang
334
Schop
open schuur
335
Schottelslet
vaatdoek
336
Schouw
schoorsteen
337
Schrauwe
huilen
338
Schravele
onhandig voortbewegen
339
Schu~pe
struinen, schooien, bedelen
340
Schuttelke
bordje
341
Schuumke trekke
schuim van laurierdrop opzuigen
342
Slam
steenkoolslib
343
Slangkómkómmer
komkommer
344
Slet
doek, lap
345
Sletje
verband
346
Sliddere
glijden
347
Slieps
stropdas
348
Sluëp
kram
349
Slup
schoot
350
Smekke
smakken onder het eten
351
Smele
gras op heideveld, haren
352
Smè~r
slaag
353
Smik
zweep
354
Smoe~zele
motregenen
355
Snammel
stukje draad, lap, touw
356
Sneejer
kleermaker
357
Snel
autoped
358
Snellüeper
autoped
359
Snierke
roken
360
Snuupke
snoepje
361
Sókkersteel
zuurstok
362
Spaje
spitten
363
Speer (gen)
halm, spriet, spier haar. met gen er voor: niets
364
Spegele
afgunst uitlokken
365
Speje
spugen, overgeven
366
Sperjes
asperges
367
Spienze
loeren
368
Spinnejaeger
ragebol
369
Spitse
verheugen
370
Spoe~s, spoe~skop
wilde, onverzorgde haardracht, krullen, krullenkop, kroeskop
371
Spooie
haasten
372
Sproan
spreeuw
373
Sprung
bron, wel
374
Stalen op
lijken op
375
Stanketsel
schutting van spijlen
376
Statie
station
377
Stechele
redetwisten, ruziën
378
Stekbère
kruisbessen
379
Stekrubbe
koolrapen
380
Stevels
laarzen
381
Stinkers
Afrikaantjes
382
Stoebe
paardebloemen
383
Stoek, stoekdroad
schok, schrikdraad
384
Stoep, stuupke
trottoir, stoep
385
Strekel
deugniet, wetplank voor zeis
386
Straevele
redetwisten, ruziën
387
Striekers
lucifers
388
Strietse
jatten
389
Strontsen
opscheppen
390
Ströb/Strubbe
bengels, vervelende jongens
391
Stuute
prijzen
392
Stuutje
broodje
393
Stuutjes grie~pe
oude Lottumse folklore bij bruiloften
394
Tae~k
tikkertje
395
Tár
teer, bitumen
396
Tas
kop
397
Tattie
vies spul
398
Telder
bord
399
Tes
broekzak
400
Tif
sperma
401
Tisnaas
leknaas
402
Tod
lap
403
Toe
dicht
404
Toep
top, schoenneus
405
Toepe
kaartspel
406
Tómp
stuk, hoek, uiteinde
407
Tóntele
met vuur spelen
408
Toe~r
vrouwenhoofdbedekking (klederdracht)
409
Toe~t
blaasinstrument, toeter, claxon
410
Toesse / umtoesse
ruilen /omruilen
411
Trekke
tochten
412
Tricot, triek
trui
413
Triezelen
rillen, trillen, stuiteren
414
Tu~ut
kip
415
Tumelemuutske
koprol
416
Teur, verteure
pin, pin verplaatsen waaraan koe of geit vast zit
417
Uëj
verlegen, bleu, tam
418
Umtrekke
omkleden
419
Va
vader
420
Vas
alvast
421
Ve~g
meisje of vrouw die niet met zich laat sollen
422
Velling
velg
423
Vè~me
slaan, meppen
424
Verduusseld
bewusteloos
425
Verkèt
vork
426
Verkeskiëbus
varkenskop
427
Verrig
klaar
428
Vès
net, pas geleden, alvast
429
Viezele
knoeien
430
Villen
kwellen, pijn doen
431
Vimpe / fimpe
met vuur spelen
432
Visge~rt
vishengel
433
Vlimme
stekelige kaf van gerst en rogge
434
Vort
voortaan
435
Vot
kont
436
Vottetes
kontzak
437
Vreejer, Vreeje
vrijer, verkering hebben
438
Vrek, vrech
brutaal
439
Vreute
wroeten
440
Vrommes, vrouwluuj
vrouw, vrouwen
441
Waers
dwars, stijfkoppig
442
Wàh
443
Waltje
tekkel
444
Wap (van de)
Wijs (van de)
445
Wazel, wazele
onzin, onzin vertellen
446
Wek
brood
447
Wè~rd
waard, wei aan de Maas
448
Wiks
schoensmeer
449
Wies
tot
450
Wiet
ver
451
Wiets
stok, twijg, mop
452
Wings
scheluw
453
Wroebel
wasbord
454
Wuilus
lobbes
455
Wulleboëne
tuinbonen
456
Qualme
walmen
457
Zaal
zadel
458
Zátvrèter
leknaas, iemand die altijd klaagt over het eten
459
Zauwel
drats
460
Zeeg
tam, zachtmoedig
461
Zeech
kortstelige zeis
462
Zeikkelder
gierkelder
463
Zeikschöpper
gier-emmer
464
Zekdempel, zeiker
mier
465
Zeumeren
aren rapen na het maaien
466
Zoebele
sabbelen, duimen
467
Zumpe
huilen
468
Zuutjes
zachtjes, langzaam
469
Zwägel
lucifers
470
Zwee~l
eelt
471
Zwelf
zwaluw


woensdag 4 juni 2014

Swaziland

Zó ben je gepensioneerd en woont rustig in Brokeze, en zó ben je weer aan het werk aan de andere kant van de wereld: in Swaziland. Wie het weet te liggen mag zijn vinger opsteken.
Iedereen weet dat je het als gepensioneerde te druk hebt voor hobby’s, maar nu ik weer aan het werk ben heb ik af en toe weer eens tijd voor mijn Roets in Lottum.
Ik schreef de vorige keer al dat Jeu Stökers ook veel oude Lottumse woorden en uitdrukkingen verzameld heeft. Ik ben er nog niet toe gekomen om ze allemaal te noteren, maar hier komen er alvast een paar:

Floetere                             opscheppen
Sletje                                 verbandje
(unne) Gas                         8 schoven (gerven) tegen elkaar aan rechtop gezet, een aantal
Rò~f, röfke                        korst van een genezende wond
Zeech                                 kortstelige zeis
Zeeg                                   tam, zachtmoedig
Uëj                                     verlegen, bleu, tam
Triezele                             rillen, trillen, stuiteren
Moets                                 korstje, kontje van de wek
Flimp, flint                         aanmaakhoutje
Verkeskiëbus                     varkenskop
Zeumere                            aren rapen na het maaien
Zauwel                               koffiedrats
Onbenirlijk                        onbarmhartig, ontiegelijk

Bij “sletje” moet ik eigenlijk aan iets anders denken, maar Jeu zijn roets zijn veel Lottumser dan de mijne, dus hij zal zeker gelijk hebben.
“Unne gas” kende ik wel als “een aantal”, maar Jeu wist de eigenlijke betekenis. In de 50-er jaren werd het koren nog met een maaibalk gemaaid en viel dan los op de grond. Vervolgens werd het met de hand in gerven bij elkaar gebonden en met acht gerven tegelijk rechtop tegen elkaar gezet om te drogen. En die acht gerven heten “unne gas”.

En hier nog een paar die me zelf zijn ingevallen:
Knats                                 helemaal
Umtrekke                           omkleden
Trekke                               tochten
Klender                             vergrotende (verkleinende?) trap van klein
Immes, émus                     iemand
Zaal                                   zadel
Krötje                                klein kindje, kleine mens
Oetschoebe                       de les lezen, uitschelden

En voor het lijstje Lottumse namen:
Bosser, Bosser Jan            Fam Thissen, Jan Thissen

maandag 16 september 2013

Jeu

Vorig jaar ben ik gepensioneerd en na een jaar luieren wordt het weer eens tijd voor de belangrijke dingen in het leven: het verzamelen van Lottumse woorden. En daar heb ik hulp bij gekregen. Ik kwam er achter dat er nog iemand is die daar in geïnteresseerd is, een oude klasgenoot nog wel: Jeu Vergeldt, van Stökers van achter de kerk. Hij is geëmigreerd naar Broekhuizenvorst, maar hij verzamelt net als ik oude Lottumse woorden en uitdrukkingen. Alleen zet hij ze niet op het internet, maar schrijft ze op in boekjes en op losse blaadjes. En vervolgens stopt hij die ergens weg en vergeet waar hij ze gelaten heeft.

Maar na een paar weken zoeken is alles weer boven water gekomen en binnenkort gaan we zijn woordenschat hier eens publiceren.

Maar nu eerst nog eens een paar die me zelf zijn ingevallen of die ik in Lottum heb opgevangen.

Schárre                     krabben, scharrelen

Vreute                      wroeten

Poerikke                   wroeten

Gen erg hebbe in       niet in de gaten hebben

Proe~m                       plotselinge hoeveelheid

Nì kunne lieje              niet uit kunnen staan

Tómp                          stuk, hoekvormig perceel grond

Jasse                         slaan, houwen

Rulse                       kuiten, stoeien

Knóddele                 knoeien


Schárre,  is wat de kippen met hun poten doen in de grond.

Vreute en poerikke is wat mensen met hun handen doen, ook in de grond. "Ós mam zit in d'n hò~f te vreute", zei mijn nicht Ankie Versleijen pas geleden tegen me.

Erg: Ik haj d'r gèn erg ì dát 't al elf oor waas.

Proe~m: de normale betekenis is pruim, maar je kunt ook "'n proe~m gas gaeve".

Nì kunne lieje: ik kán 't nì lieje dát ik alwir vá Jan verloare heb. Of: ik heb dè Jan noeit kunne lieje.

Tómp: Sraar woeënt op den tómp tussen Jansen en Pieëters.

Jasse: ik heb um d'r 'n paar in zien gezeech gejast.

Rulse: "doa kunde baeter mej rulse daan mej vechte" hoorde ik Leo vd Laak onlangs zeggen.

Knóddele: Mientje, aet ow pap op, zit doa neet zoeë mej knóddele.

zondag 9 december 2012

Hovèrig

Zo af en toe ontvang ik nog wel eens een reactie op mijn Roets blog, soms ook uit exotische oorden ver buiten Lottum. Van Gerry Heldens bijvoorbeeld, uit Veulen, die op 9 oktober o.a. schreef:


Mijn ouders zijn Drika Broekmans en Toën Bovée. Mijn moeder is dus een zus van Broekmans Toën ………Toen ik de Lottumse woorden zag moest ik gelijk denken aan vintwater. En jawel het staat erop. Mijn moeder leeft nog, ondertussen 101 jaar, maar verblijft sinds 10 en half jaar op de PG afdeling in Beukenrode Venray. In het begin vroeg een verpleegster aan ons wat vintwater was, daar had onze moeder naar gevraagd en in Venray hadden ze daar nog nooit van gehoord. Gelukkig wisten wij dit wel!

Ik kwam het woord hofpadsoep tegen. Dit blijkt een woord van Oma Broekmans te zijn geweest. Ook haar kwam ik tegen in de zin van de oude moeder Broekmans met de toer. Zij heeft de laatste 5 jaar van haar leven bij ons thuis in Veulen gewoond. Zij was toen dement en als ze naar “huis” wilde vroeg ze altijd naar de toer en het rijtuig.



Enkele dagen na dit bericht overleed Gerry’s moeder.

Verder schreef ze:

De bijnamen kwamen ook bekend voor. Eén naam staat er niet bij, van de Fam. Thissen: Bosser Jan. Voornaam weet ik niet zeker, vraag ik na want 2 zussen van mijn moeder, 91 en 88 jaar, leven nog en zijn niet dement! In het gezin Thissen waren de meesten ongehuwd en zijn na de oorlog verhuisd naar Veulen. Het waren goeie kennissen van mijn ouders. Hun ouderlijk huis zal beslist onder monumentenzorg vallen. Richting Grubbenvorst, weet niet of het nog Hoofdstraat is, voor einde bebouwde kom, aan de rechter kant, staat dit huis met een hoek dicht bij de weg, dus schuin. Het is lange tijd een bouwvallig huis geweest.


Van mijn moeder weet ik dat de bijnamen gekoppeld zijn aan de bijnaam van het huis. Keltjens was Bouwmansplats. Broekmans heette Muizersplats. Héél vroeger zal op huis van Broekmans ene Muizers gewoond hebben. Dat zou wel eens kloppen want ik onderzoek veel op de site van de geneaologie en kom via v. Lipzig uit bij Muizers-Jonkers.


Of het volgende woord Lottums is weet ik niet maar mijn moeder gebruikte het woord: hovèr. Als iemand het hoog in zijn bol heeft, zal wel van een frans woord komen. Of nog uit de tijd van de Ursulinen, waar regelmatig franse woorden werden gebruikt.


Sindsdien hebben we een paar keer berichten en foto’s uitgewisseld, en op 25 november schreef ze:

Vanmorgen was de 6 wekendienst voor mijn moeder en zijn 2 tantes, Mia en Ietje Broekmans, bij ons geweest. Het woord hovèr kenden ze allebei! Hoverig kon ook en betekent groots. (“Groëts, op z’n dialect.) (PvG: ik vertaal het als "verwaand")
Bosser was de bijnaam voor de fam. Thissen. In die tijd Bosser Jan. Het huis was destijds van de Borggraaf. Dat laatste wist ik niet. Als ik deel 3 (van Historisch Lottum In Beeld) ga ophalen in Lottum zal ik naar het huisnummer kijken en doorgeven dan weet je welk huis ik bedoel. Ik vroeg nog waar de naam vandaan komt, wisten ze niet. Misschien vroeger in een bos gewoond??

Natuurlijk heb ik jouw website doorgegeven aan 2 nichten en nu kunnen ze met hun moeder voor de computer gaan zitten. Heb hun verteld over de bijnamen en de Lottumse woorden.

Leuk toch dat de oudjes van 89 en 91, bijna 92, voor de computer gaan zitten en gaan lezen over vroeger.



Van Gerry uit Veulen dus weer een nieuw woord:

Hovèr /hovèrig – verwaand, hoog in de bol.

Ik denk dat het het ABN woord "hovaardig" is en als je de betekenis daarvan opzoekt in het woordenboek dan vind je dat hovèrige mensen: aanmatigend, arrogant, hautain, hooghartig, hoogmoedig, neerbuigend, trots, verwaand, zelfgenoegzaam, zelfingenomen zijn. Fijne mensen dus. 


En ook een nieuwe verlottumste naam:

Bosser Jan – Jan Thissen

vrijdag 28 september 2012

Weer thuis

Ik weet niet of het iemand is opgevallen, maar ik ben er weer: op 2 juli met vrouw en dochter neergestreken in Brokeze, in het huis dat ik in 1979 al gekocht heb. Pensioen. Vrijheid. Dat dacht ik tenminste, lekker genieten van de vrije tijd, maar in werkelijkheid heb ik het bijna drukker dan ik het ooit met werken heb gehad. Er is een hoop te doen en te regelen als je 20 jaar weggeweest bent. Maar het is een goed gevoel om weer thuis te zijn. Ik heb genoten van de vele verre landen waar ik gewoond heb en die ik bezocht heb, maar Lottum (en omgeving) is voor mijn gevoel toch altijd “thuis” gebleven.

En nu ik weer bovenop de bron zit, heb ik weer een paar nieuwe woorden, zelf herinnerd of aangedragen.

Nut / nutzak, nutterik – slecht, kwaad, gevaarlijk / slechterik
Kwojje – slechte (meervoud: kwoj)
Stanketsel – hek, afrastering
Kuus – breed geschouderd, atletisch type
Loerie~zer – bril
Pinkele – ’n soort kinderspel
Bokstevast – bokspringen, waarbij een rij “bokken” in de lengte achterelkaar staan
Kuulkedrolle – ’n soort kinderspel
Krab – scheur, spleet

Nut: een hond kan bijvoorbeeld nut zijn. Of een buurman kan een nutzak zijn.

Kwojje: als je een emmer appels geplukt hebt zitten er lichtig een paar kwojje bij.

Stanketsel: nooit gehoord dat woord, maar volgens Frans Gommans is dat Lottums voor afrastering.

Loerie~zer: bril (met dank aan Ger Versleijen)

Bokstevast, pinkele en kuulkedrolle: nooit van gehoord. Ik heb ze van Frans Seuren. Pinkele doe je met een stuk hout van 20 cm lang en 3 – 4 cm in diameter, maar ik ben vergeten hoe het gaat. Ook de spelregels van kuulkedrolle ben ik vergeten, dus dat moet ik Frans nog eens vragen.

Krab: scheur; maar een bepaald vrouwelijk lichaamsdeel kan blijkbaar ook zo aangeduid worden. Een kennis uit Melderslo beschreef me een keer hoe hij zich op een hete zomerdag in het zweet had moeten werken, terwijl hij in de buurt overal huisvrouwen in de tuin zag. Luchtig gekleed, liggend in een luie stoel, koud pilsje in de hand, waarop hij fijntjes opmerkte: “haj ik poddomme ok má zonne krab!”




donderdag 2 augustus 2012

Gedój um gedeuns


Ik heb er weer een paar:

Gedeuns – gedoe
Ampersant – en passant, in het voorbijgaan
Kleek/kleke – spuug, rochel / spugen
Knozel – steekvliegje
Zuutjes – zachtjes, langzaam

Eerst maar eens over “gedeuns”. Een tijd geleden viel me in dat mijn moeder dat woord regelmatig gebruikte. Ik was er niet helemaal zeker van of dat wel echt Lottums was en legde de kwestie voor aan het adviescollege Lottums: Henk Hendrix en Bernard Driessen. Ze waren het er niet mee eens. In Lottum zeggen ze “gedój”, volgens hen.
Ik was niet overtuigd. Mijn moeder is in Houteze geboren en daar praten ze toch ook Lottums volgens mij en toen ik vorige week Marcel Hendrix,  Henk’s eigen zoon dus, ook “gedeuns” hoorde zeggen, was voor mij de kous af: “gedeuns” hoort op de lijst. Einde discussie.

Ampersant is een verbastering van de Franse uitdrukking "en passant" = in het voorbijgaan. As geej toch nao de slechter got, da kunde ampersant beej d’n bekker ’n pekske broe~d hale.

‘n Kleek is zo’n slijmerige rochel van achter uit de keel, liefst een beetje geel/groenig van kleur. Volgens Henk Hendrix was Pietefien kleekkampioen. Mijn dochter verwent haar kippen soms met stukjes brood of pinda’s, maar Pietefien trakteerde haar pluimvee op kleke. Als ze buiten aardappelen zat te schillen kwamen haar kippen om de beurt een kleek ophalen en smikkelden die smakelijk op.

Knozel: ik kende dat woord niet en ook het beestje niet, maar volgens Jozef van Ingder Hand zijn dat vliegjes die op warme zomeravonden uit de Boenders aan komen vallen en gemeen steken.

Zuutjes: met dank aan Corrie Claessen. Ik speelde afgelopen woensdag tennis met haar op de Kraaienhof en toen ze een bal net uitsloeg zei ze dat ze hem zuutjes had moeten slaan.

zaterdag 21 april 2012

Moeëk


Weer een nieuwe: moêk, of moeëk volgens mijn alfabet: geheime bergplaats. Kijk maar eens wat Leo Peters, alias Leej van de Kapper, me onlangs schreef:


Hallo Paul,
Af en toe zit ik op jouw site en lees allerlei verhalen die ik natuurlijk deels herken.
Vanmiddag zat ik op de verjaardag van mijn kleinzoon, en dan wordt er wel eens over vroeger verteld. Daar kreeg ik het over een echt Lottums woord, moêk.
Dat kwam doordat ik het volgende vertelde:
Ik moest na het tennissen in de hal in Horst de consumpties afrekenen. Blijkt dat ik mijn portemonnee vergeten heb, waarop ik tegen mijn kornuiten zei: geen probleem ik heb nog een moêk in de auto. Een geheim plaatsje in de auto waar ik wat geld had liggen.
Vroeger op de lagere school hadden veel kinderen een moêk. Dat was een geheime plaats in de grond, een gat,  waar je b.v. appels of wat snoep  e.d in verstopte. Dat was een plekje dat mocht niemand weten. En er werd tegenover vriendjes wel eens opgeschept wat je niet allemaal in de  moêk had zitten.
Ik miste de naam moêk in je blogger.
Met vriendelijke groeten, Leo Peters


Leuk om van je te horen Leo, en bedankt voor de moeëk, ik zet hem erbij op de lijst. Ik herinner me het woord wel vaag, maar kan me niet herinneren zelf ooit een moeëk te hebben gehad. Wat zitten  er nog meer allemaal voor geheimen in die moeëk van jou? Durf je het ons te zeggen?


Ik heb Leo al minstens 40 jaar niet meer gezien, maar heb nog wel een foto van hem van een halve eeuw geleden, samen met Piet Hovens en een paar mij onbekende dames. Knappe jongens in hun  nette pak, wit sporthemd en slieps. En sjieke dames in hun zondagse kledjes.


vlnr: ?, ?, Piet, ?, Leo + een anonieme elleboog